Het grootste verschil zit in hoe ze communiceren. Een traditionele API werkt volgens het "pull"-principe: jouw systeem vraagt actief informatie op bij een ander systeem. Stel je voor dat je webshop elk uur vraagt aan je voorraadsysteem: "Hoeveel producten hebben we nog?" Ook als er niets is veranderd, blijft je systeem deze vraag stellen. Een webhook werkt juist volgens het "push"-principe: het andere systeem stuurt automatisch informatie naar jouw systeem wanneer er iets verandert. In dit geval zou je voorraadsysteem alleen een bericht sturen als de voorraad van een product onder een bepaald niveau komt. Je hoeft niet steeds te vragen, je krijgt vanzelf een berichtje als er iets belangrijks gebeurt.
Dit verschil maakt webhooks efficiënter in veel situaties. Ze verbruiken minder bandbreedte omdat ze alleen data versturen wanneer er echt iets te melden is. Voor je server betekent dit minder werk en lagere kosten. Wel moet je zorgen dat je systeem bereikbaar is voor deze berichten, wat bepaalde beveiligingsmaatregelen vereist.
In de praktijk worden beide technieken vaak samen gebruikt. Een webshop kan bijvoorbeeld webhooks gebruiken om direct te horen wanneer er een nieuwe bestelling binnenkomt, terwijl het tegelijkertijd een API gebruikt om productinformatie op te halen wanneer een klant de website bezoekt. Een webhook is dus geen API op zich, maar een specifieke manier van communiceren binnen het bredere API-landschap. Het is een krachtige methode die vooral handig is voor real-time updates en gebeurtenissen. Door het verschil te begrijpen, kun je slimmere keuzes maken voor je eigen systemen.
Een webhook is een geautomatiseerd communicatiemechanisme dat data van het ene systeem naar het andere verstuurt wanneer een specifieke gebeurtenis plaatsvindt. In tegenstelling tot traditionele API's waarbij je actief informatie moet opvragen (pull), werken webhooks volgens het 'push'-principe: ze sturen automatisch informatie zodra er iets relevants gebeurt.
Je kunt een webhook zien als een digitale postbode die direct een bericht aflevert wanneer er iets belangrijks gebeurt. Bijvoorbeeld: wanneer een klant een bestelling plaatst in je webshop, kan een webhook automatisch deze informatie doorsturen naar je voorraadbeheer, boekhoudsysteem en verzendpartner. Webhooks zijn efficiënt omdat ze alleen data versturen wanneer nodig en vereisen een publiek toegankelijk eindpunt (URL) om de berichten te ontvangen. Ze zijn ideaal voor real-time integraties tussen verschillende applicaties.
Een hook URL is het internetadres waar een webhook zijn gegevens naartoe stuurt. Het is in feite het eindpunt dat luistert naar en reageert op inkomende webhook-berichten. Wanneer je een webhook instelt, moet je deze URL opgeven aan de verzendende dienst zodat deze weet waar de data naartoe moet.
Het push-principe (webhooks) is slimmer in situaties waarbij real-time updates cruciaal zijn en gebeurtenissen onregelmatig plaatsvinden. Ook wanneer datavolumes aanzienlijk zijn, server-resources optimaal benut moeten worden of directe actie nodig is bij bepaalde gebeurtenissen biedt push voordelen.
Het pull-principe (traditionele API's) is beter wanneer je exact wilt bepalen wanneer data wordt opgehaald en er een stabiele, voorspelbare informatievraag is. Pull werkt ook beter als je systeem achter een firewall zit zonder publieke toegang, je eenvoudige implementatie verkiest boven complexiteit of je controle wilt houden over de frequentie van data-uitwisseling.
De ideale oplossing combineert vaak beide methoden, afgestemd op specifieke bedrijfsbehoeften.
Een webhook is geen gewone REST API, hoewel ze verwant zijn. Het fundamentele verschil zit in de communicatierichting. Een REST API werkt volgens het request-response model, waarbij jouw systeem actief verzoeken stuurt om data op te halen. Een webhook werkt omgekeerd en stuurt automatisch data naar jou wanneer er iets gebeurt. REST is een set architecturale regels die op API's worden toegepast, terwijl een webhook eigenlijk een subset van een API is. Een REST API vereist dat een gebruiker expliciet gegevens opvraagt, terwijl een webhook geen verzoek nodig heeft, het verstuurt gegevens zodra een bepaalde gebeurtenis plaatsvindt. Technisch gezien gebruiken webhooks wel HTTP-protocollen net als REST API's, maar met een fundamenteel andere aanpak: reactief versus proactief, pull versus push, vragen versus automatisch ontvangen.